Aanbrengen bitumen dakbedekking

De Taak Risico Analyse (TRA) geeft een overzicht van elk risico met bijbehorende oplossing(en) bij deze taak

Aanbrengen dakrollen - droogbranden

Aanbrengen dakrollen - droogbranden

Voordat baanvormige bitumen dakbedekking kan worden aangebracht vinden vaak voorbereidende werkzaamheden plaats (zie Taak Risico Analyse ‘Voorbereidend werk).  Ondergronden en/of onderconstructies moeten in verband met de hechting van de aan te brengen bitumen dakbedekking worden voorzien van een voorsmeerlaag op basis van bitumenoplossing of bitumenemulsie. Voorsmeerlagen kunnen worden aangebracht met een luiwagen, met een rubbertrekker of met spuitapparatuur.

Dakdekkers staan bloot aan weer en wind en aan de stoffen die ze verwerken. De werkkleding moet zijn aangepast aan het seizoen en aan de werkzaamheden. Erop toegezien moet worden dat iedereen goede werkkleding draagt.

Op de voorbehandelde ondergrond / onderconstructie kunnen één of meerdere lagen baanvormige bitumen dakbedekking worden aangebracht (in vakjargon: de onderlaag en de toplaag). De bitumen rollen worden uitgerold en losliggend geballast, mechanisch bevestigd of verkleefd aan de ondergrond. Dit is mede afhankelijk van de keuze van het dakbedekkingssysteem, de soort dakopbouw en de gebruiksbelastingen. Bij daken met hoge gebruiksbelastingen wordt om technische redenen in de meeste gevallen een volledig gekleefd dakbedekkingssysteem toegepast.

Bij nieuw werk vormt de onderlaag het eerste deel van een dakbedekkingssysteem en wordt hoofdzakelijk gebruikt om het dak tijdelijk waterdicht te maken. De tweede laag dakbedekking, de toplaag, is de laatste stap in het dakbedekkingsproces en zorgt voor de definitieve waterdichtheid van het dak. Bij onderhoud-/ renovatiewerkzaamheden functioneert de aanwezige dakbedekking vaak als onderlaag, en kan worden volstaan met het aanbrengen van een toplaag.

Er zijn diverse verwerkingstechnieken om de bitumen dakbedekking te verkleven. De in de branche meest toegepaste technieken zijn:

  • Gietmethode: warme bitumen wordt voor de rol dakbedekking uitgegoten. Bij het afkoelen van de bitumen zal een verkleving aan de ondergrond worden bereikt.
  • Brandmethode: de fabrieksmatige aangebrachte bitumen op de dakrol wordt, in tegenstelling tot de gietmethode, met een gasbrander verwarmd.
  • Koud gekleefde en zelfklevende bitumen dakbedekking (na totstandkoming van de NEN 6050): de bitumen dakbedekking wordt door middel van een toevoeging van bitumen koude kleefstof, lijm of dergelijke verkleefd op de ondergrond, zonder dat er sprake is van gebruik van open vuur. Bij de zelfklevende applicaties is de kleeflaag reeds fabrieksmatig voorzien en zal in de regel alleen moeten worden geactiveerd. 

Soms wordt (nadien) een ballast- of afwerklaag op de bitumen dakbedekking aangebracht in de vorm van grind of tegels of dergelijke (zie Taak Risico Analyse ‘Ballast of afwerkmateriaal’).

Sinds 1 januari 2012, de invoering van de regeling ten aanzien van de 25 kg-norm in de CAO, zorgen de meeste fabrikanten voor aanbod van bitumen producten van dit gewicht.  Het handmatig tillen van dakbedekkingsmaterialen zwaarder dan 25 kilo is verboden. Dakbedekkingsmaterialen zwaarder dan 25 kilo worden mechanisch getransporteerd.

De fysieke belasting bij het verwerken van dakrollen en afwerkmateriaal is, ondanks een gedegen werkvoorbereiding met inzet van verticaal/horizontale transportmiddelen, vaak toch nog hoog. Dit komt door het handmatig verplaatsen en manoeuvreren van de dakrollen op de werkplek. Als gevolg van bovengenoemde belastingen kan vermoeidheid optreden en nemen concentratie en coördinatie af waardoor veiligheidsrisico’s kunnen ontstaan. Daarnaast spelen natuurlijk de klimatologische factoren een rol.

Bij het in positie brengen van de bitumen dakrollen wordt geduwd en getrokken. Ook wordt met de voet geduwd bij het afrollen van de rollen dakbedekking.

Bij de verwerking van de dakrollen, met name bij de gietmethode en het branden, moet langdurig in een licht voorovergebogen ongunstige houding van de rug en de nek worden gewerkt om zicht te houden op de werkzaamheden.

Een en ander kan leiden tot overbelasting van rug en schouders met spier-, gewrichts- en nek peesaanhechtingsklachten als gevolg. Ook repeterende bewegingen met armen, handen, polsen of vingers leiden vaak tot gezondheidsklachten, zoals slijmbeursontstekingen.

Bij detailleringen (bij rook- of ventilatiekanalen, waterafvoeren enzovoort) wordt vaak gehurkt, geknield of voorovergebogen gewerkt met handbranders en op maat gesneden stukken dakbedekking. Bitumen stroken worden aan de ondergrond c.q. onderconstructie bevestigd. Hierbij ontstaan voor de werknemer met name duwkrachten en afhankelijk van de applicatie armtrillingen. Ook worden knieën hierbij belast en worden de bloedvaten in de knieholte afgekneld en de bloeddoorstroming van het onderbeen belemmerd.

Bij de aanpak van fysieke belasting moet vooral worden gedacht aan de organisatie van het werk, zoals afwisseling van werkzaamheden (en daarmee belasting) en voldoende rust en herstelmomenten. Daarnaast zijn logistieke maatregelen een belangrijk aandachtsveld bij het terugdringen van fysieke belasting. Bekeken moet worden in hoeverre bepaalde taken kunnen worden ‘overgenomen’ door dakactiviteiten te automatiseren of tilhulpmiddelen in te zetten. Ook de leefstijl van de dakdekker is een niet onbelangrijk onderdeel bij de aanpak van fysieke belasting.

Verwerkingsmethoden zoals branden, gieten dan wel koud verkleven van dakbedekkingsmaterialen zijn gangbaar in de markt en worden op brede schaal toegepast. Tijdens het verkleven van de dakrollen door de giet- en brandmethode komen bitumineuze dampen (bitumencondensaat) of verbrandingsgassen van de branders vrij. De blootstelling aan deze dampen en gassen is het hoogst indien men geknield werkt, aangezien men dan dicht boven de zone waar damp en gassen vrijkomen zit.

Bij koud gekleefde dakbedekkingssystemen wordt gebruik gemaakt van primers, koude kleefstoffen/pasta en koudlijmen en dergelijke. Een nadeel van dergelijke producten is dat vaak een oplosmiddel aanwezig is. Bij huidcontact is mogelijk enig risico op irritatie van de huid aanwezig. Gebruik in dit verband indien mogelijk water gedragen kleefmiddelen. Raadpleeg uw leverancier bij de inkoop van materialen en volg de voorschriften op in de productveiligheidsbladen. En verstrek deze informatie ook aan het personeel .

In algemene zin geldt bij het verkleven van bitumen dakbedekking dat, nog los van de applicatie, de mate van blootstelling van de werknemer aan bitumendampen sterk afhankelijk is (beperkt wordt) door te werken vanaf de wind en rekening te houden met de windsnelheid. Daarnaast is de inzet van de juiste PBM en het juist gebruik ervan door de werknemers een belangrijk aandachtsveld. Daarnaast zijn in Nederland (Probasys Benelux) maar ook internationaal onderzoeken uitgevoerd inzake de blootstelling van dakdekkers aan vrijkomende dampen bij branden, gieten of koud kleven bij het werken met bitumen. De conclusie is dat bij een goede uitvoering (onder normale condities) en de blootstelling voor volwassen en gezonde werknemers ruim onder de MAC waarden ligt.